Triumph Scrambler test: Retro op z'n best

06-09-2014

Scrambler, het is niet alleen de naam van dit model die ik deze week tot mijn beschikking heb, maar ook de naam van een type motor. We gaan even terug naar de jaren ’60 in de VS waar adrenaline junks méér wilden dan enkel  hetzelfde stukje asfalt berijden. Ik kan natuurlijk niet zeggen wat ze destijds precies dachten maar het zal in de lijn liggen van: “Boys, we hebben hier eindeloos woestijn, waarom gaan we dáár niet crossen? We gooien een paar noppenbanden erop, verhogen de uitlaten, passen de vering aan ‘and off we go!’”. En voíla, de scrambler is geboren. Doordat Steve McQueen, ook wel bekend als “The King Of Cool”, met de Triumph TR6 Trophy reed, racete én gebruikte in z’n films werd dit type motorfiets immens populair. In één van zijn meest bekende films, The Great Escape, probeert hij op legendarische wijze te ontsnappen op een TR6 door de heuvels van Duitsland. Ook in zijn vrije tijd racete hij ermee zoals in 1964 toen hij deelnam aan de Internation Six Day Trial in Oost-Duitsland, wat natuurlijk geweldige reclame was voor Triumph’s TR6 Trophy.

Het zijn de details...

En laat de Scrambler die ik onder m’n kont heb nu dáárop geїnspireerd zijn, ik denk dat je je wel kan voorstellen hoe ik me voel. Vanaf het eerste ogenblik dat ik de Scrambler zie lijk ik iemand met ADHD die teveel cola heeft gedronken en moet ik me inhouden zodat de mensen van Triumph niet denken dat ik één of andere halve zool ben. De grove noppenbanden, de skid plate, het brede stuur, de dubbele achtervering, de ronde koplamp die precies de goede grootte heeft en de ‘kleine’ dingen zoals de rubberen hoezen om de voorvorkpoten en de leren tas. Door deze details zie ik het al helemaal voor me: in de voetsporen van mr. McQueen himself dwars door de heuvels van Duitsland of ergens in het binnenland van ‘the States’. Het enige wat ik mis is de dubbele, hooggeplaatste uitlaat want die is vervangen door een Arrow twee-in-één systeem. Persoonlijk vind ik het origineel er beter uit zien maar de isolatie tape wat om de uitlaatbochten is geplaatst vind ik dan wel weer erg gaaf! Je kan nog enigzins zien dat de Scrambler is gebaseerd op de Bonneville die we vorig jaar hebben getest maar niet alleen het uiterlijk is veranderd. Triumph heeft namelijk ook het motorblok onder handen genomen waardoor het 865cc grote twee cilinder blok al bij 2500 toeren over 90% van het volledige koppel van 68Nm beschikt. Bovendien produceert het nu nét even een rauwer geluid.

... die het 'm doen

Over geluid gesproken; bij het starten, en als we het over details hebben: dat gaat nog ‘ouderwets’ met de choke, kómt me  toch een kabaal uit die Arrow uitlaat waarvan ik zo-even zei dat ik liever de originele gemonteerd zag. Overigens ben ik nog steeds van mening dat de originele er beter uitziet maar ik betwijfel ten zeerste dat die zo’n geweldig geluid produceert. Gelukkig krijg ik de dB-killer mee want er zullen zeker mensen zijn die het niet kunnen waarderen. Goed dan, het geluid is meer dan dik in orde en de ‘looks’ zou ook “The King Of Cool” denk ik zomaar kunnen waarderen dus dan rest me nog maar één ding en dat is rijden!

Badass

Bij het naar buiten manoeuvreren van de Scrambler valt me direct op dat ‘ie qua massa vrij fors is. Met een rijklaar gewicht van 230kg kan je ‘m ook zeker geen lichtgewicht noemen maar aan het uiterlijk zie ik dat in ieder geval niet af. Zodra ik erop ga zitten wordt m’n lichaam direct in een aangename positie ‘gedwongen’; het stuur is lekker breed en staat niet al te ver van me af waardoor ik rechtop kan zitten en bovendien worden mijn knieën in een comfortabele hoek geplaatst. Ik merk echter al snel dat er genoeg ruimte op het zadel is om wat naar achter te schuiven waardoor je wat meer voorover komt te zitten, dat ziet er net even wat cooler uit! Cool voel ik me eerlijk gezegd sowieso wel op deze Scrambler, ongeacht mijn zithouding. Ik durf wel te zeggen dat dit dé meest ‘badass’ uitziende motor is die ik tot nog toe getest heb en elke keer als ik het gas open trek weet ik heel zeker dat ‘ie in ieder geval het meest ‘badass’ klinkt. De vloeiende gasreactie die eraan voorafgaat mag ook zeker niet vergeten worden. Ook de manier waarop het motorblok het vermogen opbouwt is indrukwekkend; vanaf 2000 toeren het gas vol open trekken zorgt nauwelijks voor gebok of ander ongemak. Zoals ik al zei is bij 2500 toeren is al 90% van het volledige koppel beschikbaar en dankzij de lineaire opbouw van het vermogen verrast ‘ie je nooit maar spuit je er telkens wel heerlijk van door. En dat geluid, dat kan ik niet vaak genoeg benoemen. Het lijkt bijna een oorlogsgebied als je het gas vol opentrekt en dat is dan ook zeer verslavend.

Die looks..

Maar goed, ik zou net beginnen over het rijden maar toch raak ik weer afgeleid en kom ik terecht bij het geluid en de looks. Het is net als flirten met een jongedame; je probeert een goed gesprek te voeren maar uiteindelijk is het lastig om aan iets anders dan één ding te denken. Toch ga ik nogmaals een poging doen: de Scrambler stuurt ontzettend makkelijk en dat is verbazingwekkend want zoals ik zo-even aangaf voelt ‘ie wat log aan maar zodra je ermee rolt stuurt de Triumph vederlicht. De hefboom die het brede stuur je geeft, de stuuruitslag en de lichtvoetigheid van de motorfiets zorgen ervoor dat je in de stad eenvoudig tussen al het verkeer heen kan manoeuvreren en op de dijkjes sportief gezien je mannetje kan staan. De stabiliteit van de Scrambler in de bochten geeft veel vertrouwen en de vering filtert netjes oneffenheden in het wegdek weg, zoals je dat vaak ziet op de Neerlandse dijkjes, en zorgt ervoor dat die stoere noppenbanden te allen tijde contact houden met de grond. De Triumph nodigt niet persé uit tot racen over diezelfde dijkjes maar toch krijg je, ik althans, flashbacks in m’n hoofd van Steve McQueen die ‘m overal loeihard doorheen ragt. Tja, dan kan je je wel voorstellen dat er wat automatisch wat ijveriger aan de gashendel getrokken wordt. Wat ik hiermee wil zeggen is dat je alle kanten uit kan met deze motorfiets: een stukje rustig touren is heerlijk dankzij het romige motorblok en de relaxte zithouding maar gooi wat extra kolen op het vuur en je kan ontzettend veel lol hebben! Bovendien zorgen de enkele remschijf voor en achter voor puike remprestaties en valt daar eigenlijk niet veel op aan te merken. Er is geen ABS beschikbaar voor dit model maar gezien de doseerbaarheid van de remmen en het feit dat de voorrem nooit ‘hapt’ is dat in mijn ogen ook geen gemis.

Precies genoeg

Waar de Scrambler ook zeker niet misstaat is de betonnen jungle oftewel de stad. Ik kan met recht zeggen dat deze Triumph een echte ‘headturner’ is en dat komt niet alleen door het geluid. Zelfs als ‘ie geparkeerd staat trekt ‘ie de aandacht en lopen mensen er echt naartoe om van dichtbij een kijkje te nemen. Zoals ik al zei is het kinderlijk eenvoudig om ‘m door de stad te loodsen, het enige punt van kritiek daarop is, als je dat al mag bekritiseren, dat je denkt dat je 50 km/u rijdt terwijl je dan al 65-70 km/u rijdt. Ook licht offroad werk, toch de ‘roots’ van deze motorfiets, hoef je niet te schuwen. Dankzij het lage zwaartepunt en toch nog redelijk wat grondspeling, de lichtvoetigheid en de noppenbanden kan je je ontzettend goed vermaken op gravel, kiezels en zanderige wegen. De enige plek die zoveel mogelijk gemeden moet worden is de snelweg want zonder enige windbescherming en de rechte zithouding vang je veel wind en lijk je net een zeil. Ook merk ik dat het boven de 100 km/u allemaal nét wat minder snel gaat met deze 35kW versie. Het is nog steeds mogelijk om snelheden rond de 130 km/u te halen maar erg vrolijk word ik daar niet van. Overigens heeft de Scrambler in ongelimiteerde versie 8kW meer dus met een totaal van 43kW oftewel 59 pk kan je het geen ballenbreker noemen, echter heb ik geen moment gehad dat ik meer vermogen had willen hebben. Eigenlijk is het enige nadeel van de Scrambler het verbruik, dat ligt op 1:13 en met een 16 liter tank zal je niet erg ver komen. Dat heeft vooral ook te maken met de open uitlaat waarop de injectie zich automatisch aanpast, bij Triumph heb ik me laten vertellen dat met de standaard uitlaten dit verbruik op een ‘normaal’ niveau zit.


Conclusie

Ik kan me voorstellen dat het uiterlijk niet iedereen aanspreekt, je moet ervan houden. Maar in mijn ogen benaderd de Scrambler het ultieme motorgevoel: een stoer en no-nonsense uiterlijk, een vet geluid en voortreffelijke stuureigenschappen. Natuurlijk draagt de erfenis van ‘The King of Cool’ bij aan dit gevoel maar het is de verdienste van Triumph dat ze deze motorfiets zo hebben ontwikkeld en ontworpen dat je ook daadwerkelijk dat gevoel erbij krijgt. Om bijvoorbeeld zo authentiek mogelijk te blijven is de injectie verborgen in de originele Keihin carburateur, een mooi staaltje vakmanschap! Ten slotte de prijs. €10.790,00 voor een motorfiets is een boel geld, zeker als je bedenkt dat snelweg ‘cruisen’ geen hobby van je moet zijn. Maar in mijn ogen koop je ‘m puur voor de looks, het geluid, de stuureigenschappen en natuurlijk de ‘legacy’ van McQueen.

Tekst: Dennis
Foto's: Brikkels.nl
Bouwjaar: 2014

Klik hier voor de technische specificaties.




Opties

Lettergrootte:

Poll

Met de motor op vakantie?


Ja Nee

Contact

Vragen of opmerkingen? neem hier contact met ons op!

Motor Marktplein

Wilt u als dealer uw motoren aanbieden via het Motor-Marktplein dan kunt u zich hier aanmelden

KW - PK

KW
PK